El Paso – Llano de Jable.

Zoals misschien is opgevallen wandel ik de laatste tijd nogal wat. Ik vind dat erg leuk en ben blij dat ik dat nog kan doen. Over koud een half jaar word ik 70 en dat is dus allemaal niet meer zo vanzelfsprekend. Als ik te veel over mijn wandelingen schrijf laat maar weten.

Gisteren zijn we, John en ik, vanuit El Paso tussen de vulkanen op de Montana de Enrique en de Montaña Cemada over de Llano (vlakte) van Jable terug naar El Pasó gelopen. 13,7 km en 593 m stijgen de dalen. Het weer was fantastisch.

Links Los Llanos en rechts zie je El Paso.

Na een stukje over een doorgaande weg te hebben gelopen draaiden we een landweg op en werd het een eind mooier.

Dat hondje is een paar kilometer met ons mee gelopen.

Aan het einde van de bovenstaande weg werd het klimmen. Dwars door een dicht dennenbos. Stom genoeg heb ik daar geen foto van gemaakt. Ik dacht: ”daar heb ik er al zoveel van” maar in deze blog was hij wel leuk geweest om het enorme contrast te laten zien met het landschap van de Llano de Jable.

We wandelden hier over het resultaat van een vulkaanuitbarsting van zo’n 500 jaar geleden.

Na een poosje veranderden de fijne steentjes in grof gesteente.

En dat liep een eind lastiger.

We waren wel weer blij met onze wandel app. Zo nu en dan was het pad toch wat lastig te vinden.

Maar zoals aan alles kwam er ook aan deze wandeling een eind. Via nog steeds met bloemen bezaaide landweggetjes kwamen we weer

in El Paso.

Vrolijk Pasen.

Gisteravond hebben we met vrienden gegeten (dat mag hier met maximaal vier personen aan één tafel) in restaurant Ancora. Een tijdje geleden was het daar wat minder maar nu hebben we er voor de tweede maal in korte tijd erg lekker gegeten.

Zij gaan huisjes verhuren en wij doen dat al. Tijdens het eten kwamen de verschillende websites ter sprake die je kunt gebruiken om een vakantiehuis te verhuren en mijn angst om een dubbele boeking te hebben.

Persoonlijk gebruiken wij vier sites, CasaDemetriaLaPalma onze eigen site, Booking.com, Tripadvisor en Micazu. Je kunt de boekingen op die sites automatisch met elkaar laten synchroniseren maar dat werkt ook niet echt goed dus ik houd de verschillende boekingskalenders dus handmatig bij. Daarnaast heb ik zelf nog een systeem met een totaal overzicht van de verschillende sites. Dat bijhouden van al die sites is best een lastige job. Ze werken allemaal verschillend en je moet zeker voorkomen dat je dubbele boekingen krijgt.

Vanochtend kreeg ik de schrik van mijn leven omdat er een aanbetaling was gedaan voor ‘de huur van Casa Demetria’ op een naam die mij onbekend was. Na een hoop gezoek, ik kon nergens gegevens vinden van de betalers, bleek dat de aanbetaling was gedaan door andere mensen dan die hadden gereserveerd. Pfffffff ………

Porís de Lomada Grande, wandelen op een lege maag.

Vanwege de formule 1 hebben we deze maal niet op zondag gewandeld maar op dinsdag. Nu vasten wij op maandag en dinsdag maar ik zei tegen John:”Géén probleem we gaan” en dit was onze route. 7,6 kilometer met een hoogte verschil van 467 meter.

Bij de A (onder de B) stond de auto.

Een “Porís“ is een natuurlijke haven of steiger. Het is een woord wat eigenlijk alleen voorkomt op La Palma en Tenerife (Wikipedia) en een lomada grande is een grote heuvel. Nu daar kwamen we al vlug achter.

De route die we gekozen hadden liep over een prachtig weggetje naar beneden maar al vlug kwamen we bovenstaand bord tegen. Er wordt gewaarschuwd dat:

  • GEVAARLIJK GEBIED.
  • Er is geen strand wacht.
  • Er is risico op vallend gesteente.
  • Er is gevaar voor grote golven.
  • Het water is erg diep.
  • Er staan sterke stromingen.
  • Val gevaar vanwege de rotsachtige kust.

Na even achter onze oren te hebben gekrabd concludeerden we dat we in ieder geval geen gevaar op Corona was zijn we maar gewoon doorgelopen. Het pad bleef erg mooi maar niet zo mooi als de uitzichten.

Het geeft niet hoe vaak je het ziet het blijft indrukwekkend. Op de plaats waar we hier staan gaat het 100 à 150 meter steil naar beneden. Je kan het water wat hier direct onder op de kust slaat daardoor niet zien.

Playa del Callejoncito (strand van het steegje)

De natuur is prachtig deze tijd van het jaar, bloemen overal waar je kijkt.

Het gebied van de porís lijkt wel wat op de ‘haven van Puntagorda’. Er zijn ook hier heel veel rots woningen.

We hebben daar gerust en onze lunch genuttigd. Ik had voor alle zekerheid twee appels meegenomen waar ik er toch maar één van heb opgegeten.

Na alle wereldproblemen besproken te hebben onder het genot van het heerlijke weer, een prachtig uitzicht en enkele hele grote golven hebben we ons op de terugweg begeven.

Deze route was een stuk lastiger. Het pad was zo nu dan aangegeven door steen mannetjes, zie foto. Dat zijn hoopjes stenen die moeten aanduiden dat je nog op het goede pad zit. Maar het grootste deel van de tijd was het pad onzichtbaar en totaal overgroeid door een soort tot 1,5 m hoge brem en een klein soort schijf cactussen met enorme naalden die je dus ook vaak moeilijk kon zien. Één kwam er dan ook in Johns teen terecht.

Deze foto is op zo’n 30 cm hoogte genomen.

Door de windstille dag, de warme zon en het gebrek aan eten kreeg ik op een gegeven moment trillende benen. Maar ik dacht stel je niet aan. Maar toen ik ook alle kleuren van de regenboog begon te zien hebben we toch maar een pauze ingelast. Na het nuttigen van mijn tweede appeltje en een minuut of tien rust konden we onze weg weer vervolgen.

Tegen het einde van de route kwamen we in het vorig jaar verbrande gebied.

Alle bomen op bovenstaande foto zijn nog helemaal verkoold maar het huis is gespaard gebleven. Waarschijnlijk door de inzet van de blus helicopters die overal enorme hoeveelheden water overeen hebben gegooid. De bewoners moeten wel behoorlijk in de rats hebben gezeten.

Vanochtend woog ik 76,2 kg. Het laagste gewicht sinds we gestart zijn met vasten op maandag en dinsdag. Over het algemeen doen we gewoon alles die dagen maar ik ga toch maar niet meer van die zware wandelingen doen.

Maart roert zijn staart.

Donderdag moesten we naar Santa Cruz. We hadden die dag een calima en het werd 27°C. We hebben toen lekker buiten zitten eten bij Chipi Chipi.

Gisteren zaten we de hele dag in de mist en werd het hier op onze berg niet warmer dan 15,2° en vanochtend regende het. Het was fris en we hebben de kachel maar even aan gezet. Maar ondanks dat laten de planten overal zien dat de zomer er aan komt.

Van Don Pedro naar El Tablado, een stukje van de Camino Real de la Costa.

We vertrokken dus uit Don Pedro dat klinkt goed maar stelt niet veel voor.

Don Pedro.

Ook begint de wandeling niet echt spectaculair.

Maar dat wordt snel erg veel beter als je de Barranco Fagundo in gaat.

Deze barranco is echt spectaculair.

Zie je John?

En aan het einde van die barranco kan je bij de zee komen door een erg laag in de rotsen lopend pad en over een nogal gammel uitziend klimrek. Wij hebben dat maar niet gedaan.

Na de barranco krijg je dan weer een al even spectaculair uitzicht over de kust.

Lijkt nog niet bijzonder maar net om de hoek.

Op de landtong ligt het dorpje Guelguén en wat hoger zie je Los Franceses.

In El Tablado hebben we in bar La Garza een heerlijke café con leche gedronken met een stuk níspero taart. Femke, de Nederlandse, die er bediende wilde onder geen voorwaarde op de foto maar ze is verder erg aardig en ik kan je wel aanraden dit barretje te bezoeken je kan er zelfs wat eten. Het is open tussen half een en zes uur.

Volgens de bewegwijzering was het dus 4,5 km. Mmmm hemelsbreed misschien maar wij hebben 11,5 km gelopen met ruim 700m omhoog en omlaag.

Doordat we dezelfde weg terug hebben gelopen zijn de afstand aanduidingen over elkaar heen geschreven.

In de vorige blog schreef ik over onze Dominicaanse kerstboom. Ik heb me toen een rotje gezocht naar een foto maar kon die niet vinden. Toen ik na de blog nog een keer ging zoeken vond ik hem in het eerste fotoboek dat ik beet pakte. Dus bij deze hier is hij.

Onze kerstboom in 1980.

Een Dominicaanse kerstboom in de tuin?

Na vier ritten met 375 kg avocado’s naar de ‘handel’ zit de oogst er op. Zeker het was niet veel dit jaar maar dit was dan ook een ‘off’ jaar. Tijd om de slechte bomen aan te pakken.

Je ziet een boom met alleen bloemen. Dat is niet goed er dient een goede mix te zijn van bloemen en bladeren. Die bladeren voeden de bloemen en daarna de avocado’s. Dus als er geen bladeren zijn kan je zelf verzinnen wat het resultaat is. Dus:

Snoeien.

Zonnebrand er op want de stam van de avocado kan niet tegen de zon. De bast verbrand en laat los en dat verwoest de sap stroom weer.

En nu is het net of we twee Dominicaanse kerstbomen hebben staan. In dat land wordt als vervanging van een dennenboom, want die heb je daar niet, een wit geverfde tak in een pot gezet en versierd.

Nu even mijn frustratie over de Nederlandse minister van volksgezondheid, de Jonge, van me afschrijven. In januari zei hij:

Dus niet. Eind februari was de achterstand 2,9 miljoen vaccinaties.

En nu loopt hij te roepen: ”Eind juni is iedereen ingeënt en kunnen we weer op vakantie. Dat is totale onzin! Kan hij nooit waarmaken. Als eind juni 75% van de Nederlandse bevolking (12.750.000 mensen) hun eerste injectie moet hebben gehad moet hij in 3,5 maand 11.000.000 mensen hebben ingeënt dat is meer dan 3.000.000 per maand. Op dit moment zijn er in 2,5 maand bijna 2.000.000 ingeënt. Heb ik het nog niet eens over de tweede injectie die dan ook al veel mensen moeten krijgen. Gaat hij dus nooit redden! Hij

En vandaag gaat hij stemmen met een ongeldig gemaakt paspoort. Ik heb er ook zo een, er zitten grote gaten in omdat het verlopen is maar er zit ook een levenslang geldig visum in voor de USA zonder gaten. Je moet wel hartstikke blind zijn als je dat niet opmerkt.

Conclusie: Wij hebben in Nederland een minister van volksgezondheid die niet weet wat hij zegt en nog hartstikke blind is ook. Sorry mensen moest ik even kwijt.

Maar gelukkig heeft hij m.i. van 16 maart de regels voor reizen naar NL verruimt. Je moet nu:

Bron: Nederlandse ambassade Spanje.

Duidelijk toch, het moet ook al ben je ingeënt. En dat terwijl in dit hoog risico eiland er gemiddeld 1 persoon per dag (op 80.000) besmet raakt. In Nederland gemiddeld 5.000. Om wild van te worden.

Pijn in mijn schouders en pijn in mijn nek.

We hebben nu twee dagen avocado’s geoogst (760 kg) en dat is leuk maar best zwaar werk. Meestal sta je op de grond maar er zijn ook een behoorlijk aantal avocado’s die hoog in de boom groeien en dan moet je meer moeite doen.

Je begrijpt dat dit alles best een aanslag is op je nek- en schouder spieren. Het zijn geen aardappels je staat de hele tijd met je hoofd in je nek en je armen omhoog.

Vanochtend ben ik voor de tweede maal deze week naar Los Llanos gereden.

Doel was Agro Rincón. Achter in mijn auto had ik de tweede lading met 16 zamoros tot de rand gevuld met avocado’s. Ik ben van fruit handel gewisseld omdat de vorige, hoe vriendelijk de mensen ook waren, telkens problemen hadden als ik langs wilde komen. Toen ik vorige week belde was het gelijk al weer. Ja ja, bel vrijdag maar even dan zien we dan wel of het volgende week kan. Mede daardoor was ik vorig jaar pas eind mei klaar met de oogst. Nu daar zat ik mede door Antonio’s woorden, zie voorlaatste blog, niet op te wachten. Hij adviseerde Agro Rincón en gelijk had hij. Ik kan altijd komen en hoef niet te bellen.

Ze laden daar de avocado’s in plastic kratten.

Wegen die en je krijgt gelijk een uitdraai uit de computer met de hoeveelheid er op.

DEZE FOTO MAG IK NIET LATEN ZIEN (misschien later)

Alles ziet er schoon en keurig netjes uit. Ze hebben een hygiëne certificaat zoals een zichzelf respecterend bedrijf in de voedingsmiddelenindustrie hoort te hebben Ook hebben ze een tweetal prachtige machines die vol automatisch de avocado’s op gewicht sorteren. Één werkend en één die men aan het installeren was. Mijn foto van die machines mocht ik echter niet publiceren. Dat is jammer want het is echt iets om trots op te zijn.

Toen ik daar bezig was zag ik twee prijzen “certificado y no” met €0,10 verschil. Wat me dwars zat was dat ik de laagste prijs kreeg. Dus vroeg ik wat “certificado” betekende, krijg ik te horen dat ik ook gecertificeerd kon worden maar dan moest ik bij de technica op het kantoor inschrijven. Wat bleek, als ik me inschrijf als “colaborador” dan moest ik aan een aantal simpele eisen voldoen, komen ze mijn finca controleren en moet ik een cursus in Tijarafe volgen. Als beloning voor mijn inschrijving kreeg al gelijk de betere prijs.

Kennelijk zien ze mij als colaborador wel zitten, de afkorting van mijn naam “JVS” hebben ze al op de nummerborden van hun auto’s staan.

Wandelen in Santo Domingo de Garafia

Donderdag hebben we weer gewandeld. Na wat proef gewandeld te hebben bleek dat het spiertje in mijn been niet meer opspeelt. Op naar het noorden van het eiland.

Photos - 1 of 16Vanaf ons vetrekpunt.

Photos - 2 of 16Gelijk door een diepe baranco.

Photos - 3 of 16Kijk daar bij die palmboom staat de auto.

Photos - 4 of 16Langs een dunbevolkte woeste kust.

Photos - 6 of 16Waar ze toch ook niet ontsnappen aan de moderne tijd.

De natuur toonde zich op zijn mooist.

Photos - 12 of 16Deze route aanduiding stelde oins even op de proef.

Photos - 13 of 16Een geheel ander landschap.

Photos - 11 of 16Het was een mooie lantedag, maar de resten van de winter zijn toch nog zichtbaar.

Photos - 15 of 16Een oude boeren woning.

Photos - 14 of 16Weer terug bij ons vertrekpunt in Santo Domingo met boven een oude gofio molen.

Photos - 16 of 16

Moe maar voldaan na 16 km lopen en een hoogteverschil van 750 m (zeven en een halve domtoren) overbrugd te hebben.